www.s-gravenmoer.nl

 
  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte

Even buurten met... Aad Kanters

E-mail Afdrukken PDF

Even buurten met...

Aad Kanters, bij velen nog altijd bekend als “de makelaar” en “de wethouder”.

 

Het is een fraaie nazomerdag en het echtpaar Kanters zit op hun terras met zicht op de grote achtertuin. Het zal de laatste nazomer zijn die zij op dit terras meemaken; er zijn immers verhuisplannen. “Ja, we laten een huis bouwen aan de Lange Veertel, het bouwplan is net goedgekeurd!!”, zegt de heer des huizes.

Later in het gesprek komen we uitgebreider op dit onderwerp terug...

 

Zoals altijd beginnen we bij het begin.

Aad Kanters werd in 1927 geboren in Hooge en Lage Zwaluwe als jongste van een gezin met 5 kinderen. Vader Kanters had een klein aannemersbedrijfje en griendhouthandel. Toen Aad 6 jaar was, verhuisde het gezin naar ’s Gravenmoer.
Wil Kanters op zoek naar een foto voor De Omroeper.

“Ik heb een heel fijne jeugd gehad.  Mijn ouders  waren weliswaar redelijk streng maar binnen bepaalde normen en waarden mocht en kon er veel. Er waren dan ook altijd vrienden over de vloer”, aldus Aad.

 

Na de lagere school ging hij naar de MULO in Raamsdonksveer, vervolgens de HBS in Waalwijk en de TU in Delft waar hij civiele techniek studeerde. Op de Artillerieschool in Breda volgde hij de opleiding tot reserve officier veldartillerie.

 

Aad wilde graag vliegenier worden maar werd vanwege zijn slechte ogen afgekeurd. Dat was een grote teleurstelling; niet voor zijn moeder overigens, die was opgelucht…

De studie in Delft kon (net) niet worden afgerond omdat de militaire dienstplicht wachtte. Zo ging dat nog in die tijd…

Hij begon als reserve officier bij de parate troepen en verliet de militaire dienst in de rang van 1e luitenant. Na de diensttijd ging hij aan het werk bij aannemer Zwolsman in Den Haag als planner/voorbereider.

Aad trouwde met Wil. Het jong getrouwde paar vestigde zich hartje Den Haag waar het enkele gemeubileerde kamers huurde.

De eerste “smaak in de mond” van het makelaarsvak kreeg hij in Wijchen, waar hij werkte bij een plaatselijke aannemer. Dat bedrijf bouwde veel koopwoningen, die verkocht werden door makelaars. “Dat kan ik ook” dacht Aad en hij startte de studie makelaardij. Na zijn beëdiging als makelaar begon hij voor zichzelf. Eerst nog in Wijchen, later in ’s Gravenmoer.

“Wij kochten ons huis aan de Hoofdstraat in 1963. De eerste jaren hadden we ons kantoor in huis. In 1970 hebben we het kantoor achter het huis gebouwd en in 1975 verhuisde het bedrijf naar Dongen”.

“Mijn vrouw Wil heeft jarenlang in het bedrijf meegewerkt. Zij voelde haarscherp aan wat de klant wilde en kon goed verkopen. Als het leek of een aspirant-koper niet precies vond wat hij zocht, lukte het haar dikwijls om toch een geschikte woning te vinden”.

“Fingerspitzengefühl” heet dat in goed Nederlands.

Dochter Annelies trad in de voetsporen van haar ouders. Zij werd ook beëdigd makelaar-taxateur en werkte zo’n kleine 10 jaar in het bedrijf. Zoon Aad, eveneens makelaar-taxateur, nam 10 jaar geleden het bedrijf over. Vader Aad trekt weliswaar niet meer aan de touwtjes in het bedrijf, hij is er nog dagelijks te vinden.

“Er zijn wel eens van die klussen, waar mijn zoon en zijn mensen eenvoudig de tijd niet voor hebben. Ingewikkelde erfpachtzaken bijvoorbeeld. Daar moet veel bij worden uitgezocht. Ik heb er wél de tijd voor om z’n zaak tot in detail uit te zoeken. Bovendien – en dat is ook niet onbelangrijk – ken ik de weg en de mensen bij de instanties, zoals kadaster en gemeenten. Ik vind het leuk om dat soort klussen te doen en het bespaart mijn zoon veel tijd”. Gevraagd naar leuke anekdotes uit zijn makelaarstijd is de reactie: “Maar natuurlijk, in dit vak maak je veel leuke en gekke dingen mee. Zo is het een paar keer gebeurd dat we een huis verkochten aan iemand die een grote geldprijs had gewonnen. Bij één daarvan bleek het zo te zijn, dat hij al lange tijd zijn oog op een bepaald huis had laten vallen maar dat zou voor hem altijd een droom blijven omdat het niet te koop en te duur was. Laat het nou te koop komen en laat deze persoon nou een grote som geld winnen. Zijn droom werd werkelijkheid.Zo waren we in een ander geval al eens bezig geweest met een klant maar bleek het – hoe spijtig ook – financieel niet haalbaar. Ook die persoon won een behoorlijke geldprijs en toen was ineens alles mogelijk. “List en bedrog” ook daar kregen we mee te maken. Zoals die ene keer dat een behoorlijk dikdoenerig persoon met een geaffecteerde stem en veel kapsones een voorlopig koopcontract tekende voor een duur huis en vervolgens niets meer van zich liet horen. Wij namen contact op met zijn bank en ook daar was men de man uit het oog verloren. Hij bleek alleen maar uit te zijn op geld van de bank maar had daarvoor een geldig koopcontract nodig. Hij bleek alles in scène te hebben gezet”.  

Politiek

Vader Kanters was lid van de Christelijke Historische Unie (later opgegaan in het CDA). Ook Aad werd lid van die partij. Hij bezocht  regionale vergaderingen en deed dat samen met Hendrik v.d. Dussen, Nijs Montfoort (de vader van Hans en Joop) en Frans Rosenbrand (de opa van Bert en Ans Faro). Dat was een mooie tijd.

“Het klinkt misschien vreemd uit mijn mond maar eigenlijk houd ik niet van politiek. Ook niet van dorpspolitiek. Toch denk ik met plezier terug aan mijn politiek actieve periode. In ’s Gravenmoer was de politiek, raad en college, voor mijn gevoel altijd een eenheid met maar één doel voor ogen: het belang van ’s Gravenmoer komt op de eerste plaats. Als een oppositiepartij met een goed voorstel kwam, werd dat overgenomen.Tijdens raadsvergaderingen werd serieus van gedachten gewisseld. Compromissen werden niet gesloten. Verkiezingsstrijd was fel maar er werd nooit “op de man” gespeeld”.Aad was zowel raadslid als wethouder. Het wethouderschap vond hij leuker dan het raadlidmaatschap. Vooral aan zijn eerste periode als wethouder, van 1970 tot 1978, bewaart hij mooie herinneringen. “Het was bijzonder prettig samenwerken met burgemeester Beukema, wethouder Karel de Geus sr. en secretaris Jaques van Rijswijk. We hadden een goede verstandhouding met elkaar en met de gemeenteraad, die zeer besluitvaardig was”. Toch keerde hij in 1978 de politiek de rug toe. De reden is snel uitgelegd: “Het ging slecht met de woningmarkt en de makelaardij. Mijn bedrijf ging voor en daarom stelde ik me niet meer verkiesbaar als raadslid”.

Toch keerde Aad Kanters, jaren later, weer terug in de ’s Gravenmoerse politiek.

“In 1994 werd ik voor de tweede keer wethouder en al snel merkte ik dat er veel veranderd was in ruim 15 jaar. Er werd veel meer vergaderd, er waren raadscommissies, er werden externe adviesbureaus ingehuurd en met de raad hadden we vaak harde confrontaties, ook persoonlijke. En dat alles kwam de besluitvaardigheid niet ten goede.Toch kijk ik ook op deze periode met veel plezier terug. Zo was het goed samenwerken met waarnemend burgemeester Combee, die in 1993 het roer overnam van burgemeester Mostert, die naar Wijk en Aalburg vertrok. Met Combee aan het roer beleefde ’s Gravenmoer de laatste jaren als zelfstandige gemeente. Ook de jumelage met Suchy Las was bijzonder prettig maar vooral ook waardevol. In die tijd zijn we enkele malen in Suchy Las geweest, waar we een gastvrijheid aantroffen die hartverwarmend was. Ook burgemeester Combee en zijn echtgenote Nelleke zijn in Suchy Las geweest. Ik herinner me een aangrijpend moment. Tijdens een officieel diner, waar over en weer speeches werden gehouden, vroeg mevrouw Combee onverwacht het woord. Zij hield een speech in het Pools. Alle gasten - ook haar man -waren sprakeloos. Na afloop heeft ze verteld dat ze met behulp van een tolk, wekenlang had geoefend en thuis smoesjes moest verzinnen voor haar man om naar haar Poolse les te gaan”.

Aad is in die laatste ’s Gravenmoerse wethoudersjaren actief betrokken geweest bij de bouw van de nieuwe Geubel en de samenvoeging van ’s Gravenmoer en Dongen.

“Die samenvoeging is prettig en geruisloos verlopen. Natuurlijk, de inwoners van ’s Gravenmoer zaten er niet op te wachten. De emoties liepen dan ook nogal eens hoog op in gesprekken met inwoners. Maar het tij was niet te keren. Er was geen keuze. En ik vind tot aan de dag van vandaag dat de samenvoeging goed is gegaan. Er is constructief overlegd met Dongen en per saldo is ’s Gravenmoer er niet slechter van geworden. Ook de ’s Gravenmoerse ambtenaren hebben allen een goede job in Dongen gekregen. 

Gewetensnood??

Op de vraag of hij ooit in gewetensnood is geweest, met andere woorden of de belangen van makelaar Kanters altijd gescheiden konden blijven van de belangen van wethouder Kanters is het stellige antwoord: “Nooit een probleem geweest! Ten eerste heb ik nooit de portefeuille ruimtelijke ordening gehad en hield ik me bewust buiten bepaalde discussies maar ten tweede hebben eerlijkheid en openheid altijd hoog in mijn vaandel gestaan. Nee, er zijn nooit problemen geweest in de verhouding tussen de gemeente ’s Gravenmoer en ons bedrijf”.

Hij geeft een mooi voorbeeld:

“Destijds, bij de ontwikkeling van koopwoningen aan de Grutterijstraat, heb ik me aanvankelijk buiten de onderhandelingen gehouden. Een bedrijf uit Tilburg zou het plan ontwikkelen en er zeer uitgeklede “woningwetwoningen” bouwen om de prijs laag te houden. Maar het plan dreigde in het slop te raken omdat de woningen onverkoopbaar bleken. De ’s Gravenmoerenaren zaten immers niet te wachten op uitgeklede woningen maar op goede woningen. Kort en goed, de aannemer wilde de grond weer teruggeven aan de gemeente.
Het college van B en W met gemeenteraad, jaargang 1988.
Staand v.l.n.r. J. v.d. Berg, A. Kanters, P. Versteeg, J. van Stein, R. Rutters. Zittend K. van Eersel, F. Mostert, K. de Geus, D. Storm.
Toen heb ik aangeboden om me er mee te bemoeien.  De grond werd verkocht aan een andere aannemer, er werden goede huizen gebouwd, weliswaar duurder maar toch: ze vlogen weg”.

 

Het Oranjecomité op 31 augustus 1945: de viering van de eerste Koninginnedag na de tweede wereldoorlog. Op de achtergrond is nog het bordje “town-hall” op de gevel van het gemeentehuis te zien.Van links naar rechts: H. Faro, A. Kanters, J. Loeff, H. van der Dussen, D.O. Montfoort, J. van Herpen (waarnemend burgemeester), K. de Geus, G. van der Dussen, W.K. Dekkers, G. van Beek, C. van der Dussen.Aad Kanters (tweede van links) is de enige persoon op deze foto die nog in leven is.Foto: uit het familiealbum van de familie Kanters

Ook het plan Kerkwijk I heeft Aad mee ontwikkeld en hij was betrokken bij de aankoop van de grond voor Kerkwijk II.

Hobby’s

Het is geen verrassing dat het antwoord op de vraag naar de hobby’s is: “Daar heb ik eigenlijk te weinig tijd voor gehad”. Want buiten het bedrijf en de politiek bekleedde Aad ook nogal wat nevenfuncties.

Aan het kerkbestuur, de Oranjevereniging, de Diaconale Kamer in Eindhoven en natuurlijk het CDA heeft hij in de loop der jaren zijn bestuurlijke steentje bijgedragen.

“Maar hoe druk we het ook hadden, tijd voor vakantiereizen hebben we altijd genomen. En dan is er natuurlijk ook nog onze tuin. Tuinieren is ontspanning. Ik ben er altijd veel in bezig geweest. Maar zonder hulp ging dat niet. We hebben altijd goede hulp gehad, meestal van scholieren die een centje bij wilden verdienen. Momenteel hebben we hulp van iemand uit Dongen, maar ook van een kleinzoon met een vriend. Twee handige jongens die de handen goed uit de mouwen steken en opa en oma ook nogal eens te hulp schieten bij kleine klusjes en probleempjes. Zo hebben die knapen kort geleden onze kapotte tuinverlichting weer aan de praat gekregen”.

De pensioentijd

Stoppen met het bedrijf en met de politiek was geen moeilijke beslissing. De jongere generatie stond klaar om het roer over te nemen. “Het is boeiend om te zien dat de jonge generatie de zaken anders aanpakt dan ik in mijn tijd deed maar “anders” is niet per definitie “slechter”. En ik zei al eerder in het gesprek: ik kom nog vrijwel dagelijks op kantoor”.

 

“We hebben nu de tijd om te genieten van ons gezin. We hebben een hechte band met onze 7 kinderen en 15 kleinkinderen. We gaan regelmatig met vakantie, bezoeken vrienden, klungelen wat in de tuin en vinden het heerlijk om zonder agenda te leven”.

Verhuizen

En dan gaat er dus volgend jaar verhuisd worden naar de Lange Veertel. De tekeningen van het huis komen op tafel. Er wordt binnenkort gestart met de bouw. Het wordt een comfortabele woning met alle woonfuncties op de begane grond, rolstoelvriendelijk – “je weet maar nooit wat er met ons gebeurt” – dus zonder drempels en heerlijk ruim. Met de hobby van Wil – zij is vaak te vinden in de kas waar ze planten kweekt – is ook rekening gehouden want achter het huis komt een kasje dat vanuit het huis bereikbaar is. Natuurlijk wordt de tuin een stukje kleiner dan die aan de Hoofdstraat maar er blijft voldoende ruimte over om aangenaam buiten te kunnen vertoeven.

Tot slot

We maken een wandeling door de prachtige tuin met oude bomen, een mooie vijver, schuren, de hobbykas van Wil, het kippenhok en ook vol herinneringen.

De zon schijnt nog steeds heerlijk en Wil – inmiddels weer thuis na een uurtje fitness – zit weer op het terras.

Zal het niet moeilijk zijn om hier straks te moeten vertrekken, is mijn laatste, voorzichtige vraag?

Het antwoord is kort maar duidelijk: “Verstandelijk niet, emotioneel: wel”.

Tineke Nienhuis,

September 2006

 
Laatste aanpassing ( Dinsdag 28 April 2009 21:23 )